You are here

Moeilijkheden in de varkens-, melkvee- en pluimveesector: betalingsfaciliteiten

24 december 2020

De varkens-, melkvee- en pluimveesectoren verkeren in een bijzonder moeilijke situatie. Zij worden getroffen door zowel de maatregelen in het kader van de COVID-19-crisis als door andere omstandigheden. Voor de pluimveesector gaat het onder meer om de aanhoudende verspreiding van vogelgriep. Voor de varkenssector gaat het om de aanhoudende verspreiding van de Afrikaanse varkenspest in andere EU-landen. En voor de melkveesector is er de wereldwijde daling van de melkprijzen.

Zelfstandigen die daardoor moeilijkheden ondervinden, krijgen betalingsfaciliteiten.

De maatregel geldt voor zelfstandigen in hoofdberoep en meewerkende echtgenoten die een activiteit uitoefenen die valt onder één van de volgende NACEBEL-codes:

  • 0141 fokken van melkvee
  • 01410 fokken van melkvee
  • 0141001 fokken van melkvee
  • 0141002 productie van niet-behandelde (rauwe) melk van koeien of buffels
  • 0142 fokken van andere runderen en buffels
  • 01420 fokken van andere runderen en buffels
  • 0146 fokken van varkens
  • 04161 fokvarkenshouderijen
  • 01462 varkensvetmesterijen
  • 0146201 varkensvetmesterijen, inclusief de vetmesterijen voor derden
  • 0147 fokken van pluimvee
  • 01471 kippenkwekerijen
  • 01472 productie van eieren van pluimvee
  • 01479 pluimveehouderijen, m.u.v. kippenkwekerijen

Uitstel van betaling van sociale bijdragen

Zij kunnen op hun verzoek de betaling van hun voorlopige bijdragen in het sociaal statuut der zelfstandigen voor het vierde kwartaal van 2020 en het eerste kwartaal van 2021 met een jaar uitstellen, zonder dat daarvoor verhogingen zullen aangerekend worden en zonder invloed op uitkeringen. Die bijdragen mogen nog niet zijn betaald. Regularisaties van voorafgaande periodes worden niet beoogd. Als er al een "corona-uitstel" is gevraagd voor het vierde kwartaal van 2020, dan kan er nog enkel een uitstel van betaling gevraagd worden voor het eerste kwartaal van 2021.

Dat betekent dat de voorlopige bijdrage van het vierde kwartaal 2020 moet betaald zijn vóór 15 december 2021 en de voorlopige bijdrage van het eerste kwartaal 2021 vóór 31 maart 2022.

De betrokken zelfstandigen moeten een schriftelijke aanvraag indienen bij hun socialeverzekeringsfonds vóór 15 maart 2021.

Die aanvraag moet ten minste de volgende inlichtingen bevatten:

  • naam, voornaam en woonplaats van betrokkene;
  • naam en zetel van het bedrijf;
  • ondernemingsnummer.

Er kan steeds worden gecontroleerd of de activiteit van de zelfstandige, die meent recht te hebben op de betalingsfaciliteiten, ook effectief behoort tot het toepassingsgebied van die maatregel.

Opgelet! Als de betrokken bijdrage niet volledig betaald is binnen de voorziene termijn, zijn de verhogingen op de betreffende kwartalen verschuldigd en zullen onrechtmachtig genoten uitkeringen worden teruggevorderd.

Vrijstelling van bijdragen

Er kan voor de betrokken kwartalen een aanvraag voor een vrijstelling van bijdragen worden ingediend. Als er al een "corona-vrijstelling" is gevraagd voor het vierde kwartaal van 2020, dan kan er nog enkel een vrijstelling gevraagd worden voor het eerste kwartaal van 2021.

Vrijgestelde kwartalen worden niet in aanmerking genomen voor de opbouw van pensioenrechten, maar kunnen binnen de 5 jaar geregulariseerd worden (via een afkooppremie) om ze toch te laten meetellen voor de pensioenberekening.

Vermindering van voorlopige sociale bijdragen

Door de erkenning van "sector in crisis" kunnen de voorlopige sociale bijdragen eenvoudiger verminderd worden.