You are here

De kaap van 1,2 miljoen zelfstandigen is bereikt in 2021

23 juni 2022

Ondanks de gezondheidscrisis neemt het aantal zelfstandigen toe in 2021. België telt nu 1.230.419 zelfstandigen op 31 december 2021. Die stijgende tendens betreft alle categorieën van aangeslotenen en alle activiteitssectoren, met uitzondering van de primaire sector.

Toename van het totaal aantal zelfstandigen

In 2021 blijft het aantal zelfstandigen stijgen, zoals al 20 jaar het geval is. Voor het jaar 2021 bereikt de teller in totaal 1.230.419 zelfstandigen (795.291 mannen en 435.128 vrouwen). Ten opzichte van 2020 gaat het om een stijging van 4,03 % (47.672 eenheden). Die stijging betreft alle categorieën van aangeslotenen en alle activiteitssectoren, met uitzondering van de primaire sector (landbouw en visserij).

Het aantal zelfstandigen in hoofdberoep stijgt met 2,66 % (van 766.359 naar 786.772). Deze stijging is het gevolg van de toename van het aantal activiteiten in hoofdberoep zowel van mannen (+ 2,77 %) als van vrouwen (+ 2,45 %).

Ook het aantal zelfstandigen in bijberoep stijgt in 2021: 313.530 tegenover 293.567 in 2020. Het aantal mannelijke zelfstandigen in die categorie stijgt met 5,30 % (van 169.422 naar 178.398) terwijl het aantal vrouwelijke zelfstandigen in die categorie een nog sterkere stijging kent, namelijk van 8,85 % (van 124.145 naar 135.132).

Het jaar 2021 wordt bovendien gekenmerkt door een stijging van 5,94 % van het aantal zelfstandigen die na de pensioenleeftijd blijven werken (van 122.821 naar 130.117). De stijging onder de mannelijke populatie bedraagt 5,60 % (van 92.142 naar 97.304) en 6,96 % voor de vrouwelijke populatie (van 30.679 naar 32.813).

Sterke toename van het aantal student-zelfstandigen

Sinds 1 januari 2017 kunnen de studenten die een zelfstandige activiteit uitoefenen het statuut van student-zelfstandige genieten. Op 31 december 2021 telt men 9.114 student-zelfstandigen, wat een stijging van 9,20 % vertegenwoordigt ten opzichte van 2020. Wat de top drie van de bedrijfstakken betreft, staan de vrije beroepen op kop, gevolgd door de sector van de handel en die van de industrie.
Uit de uitsplitsing per leeftijd blijkt dat hoofdzakelijk de studenten vanaf 20 jaar gebruik maken van dit specifiek statuut.

Stijging van het gemiddelde van de inkomens

Het gemiddelde van de referte-inkomens 2018, dat als grondslag dient voor de berekening van de voorlopige bijdragen 2021, bedroeg 23.971,85 euro. Dit komt neer op een stijging van 9,93 % ten opzichte van de referte-inkomens 2017.
De verschillen tussen sectoren blijven aanzienlijk. De hoogste gemiddelde referte-inkomens zijn die van de visserij (die de rederijen omvatten) en die van de sector van de vrije beroepen.

Andere vaststellingen voor 2021

  • Het aantal meewerkende echtgenoten blijft dalen. Die daling bedraagt 5,96 % in 2021.
  • Het aantal vennootschappen in faillissement daalt: 4.513 in 2021 tegenover 5.020 en 2020.
  • Na een daling tijdens het jaar 2020, stijgt het aantal starters opnieuw in 2021, van 116.597 naar 127.976.

> Bekijk het overzicht van de cijfers en tendensen van 2021.